Episode Transcript
[00:00:06] Welkom bij weer een nieuwe studie van Christenen voor Israël. Fijn dat u weer aangehaakt bent.
[00:00:13] Vandaag willen we nadenken over het thema Geen zicht op Israël.
[00:00:17] En als ik in kerken spreek over Israël, dan is het natuurlijk vaak een beladen thema.
[00:00:21] Veel predikanten geven dat natuurlijk ook aan. Ja, je kan over Israël spreken in mijn gemeente, maar het geeft veel verdeeldheid. De een denkt zo, de ander denkt dat.
[00:00:31] Uiteindelijk vinden we Israël altijd al een moeilijk thema.
[00:00:34] Natuurlijk, sinds 7 oktober 23 is dat nog lastiger geworden en er zijn steeds meer kerken die dat ontwijken.
[00:00:41] Maar als we eerlijk kijken naar de kerkgeschiedenis dan is Israël altijd al lastig geweest.
[00:00:47] Stiekem denk ik wel eens, we zijn in de kerk misschien Israël liever kwijt dan rijk.
[00:00:53] Al heel vroeg, al in de eerste eeuwen, gaan we als kerk een kant op en schuiven we een kant op waarbij we Israel steeds verder wegdrukken. Waarbij we het Joodse volk steeds meer aan de kant zetten.
[00:01:04] En u kent waarschijnlijk ook de vervangingstheologie, die komt al vroeg op in de kerk. Het idee dat de kerk in plaats van Israel is gekomen en dat de kerk nu het volk van God is.
[00:01:16] En met deze studie van vandaag willen we eigenlijk nadenken over meer modellen.
[00:01:20] Want de vervangingstheologie, het vervangingsmodel, is één manier in de theologie om Israël eruit te knikkeren.
[00:01:28] Maar er zijn in de loop van de kennisgeschiedenis wel meer modellen, meer theorieën ontstaan, die telkens terugkomen op hetzelfde, namelijk de rol van Israël is klaar.
[00:01:38] Dat is verleden tijd.
[00:01:40] En sommige van die modellen zijn vandaag de dag weer springlevend.
[00:01:44] Daar gaan we vandaag over nadenken. En voordat we dat gaan doen, wil ik eerst met jullie bidden.
[00:01:50] Trouwe Vader in de hemel, God van Israël, we komen zo bij u aan het begin van deze studie, om te vragen voor uw heilige geest.
[00:01:59] Uw heilige geest voor het spreken en voor hetgeen wat ik delen wil, maar ook uw geest voor onze harten, dat die open mogen staan.
[00:02:10] Voor een boodschap die u misschien vertrouwt, misschien nieuw is, Misschien ook nieuwe inzichten kunnen geven, verdiepende inzichten.
[00:02:19] En steeds met hetzelfde doel om u dieper te leren kennen. Want het gaat om u.
[00:02:24] U bent de God van Israël en het gaat om u.
[00:02:27] En daar bidden wij voor, in de naam van Jezus.
[00:02:29] Amen.
[00:02:31] Goed.
[00:02:33] Wat ik dus zei, we gaan vandaag een paar modellen behandelen. In totaal gaan we er zeven doen. Vandaag doen we er drie of vier. Dat ligt even aan hoe ver we vandaag komen. En volgende week zullen we de andere doen.
[00:02:44] Maar voordat we daar naar gaan kijken, naar die zeven modellen om Israël eigenlijk uit het beukje te knikken, als ik het zo mag zeggen.
[00:02:52] Dan wil ik eens even een stapje terug, want waarom, waarom voelde de kerk de noodzaak, al vrij vroeg, de noodzaak om Israël links te laten liggen?
[00:03:05] Waarom had de kerk dat?
[00:03:07] Nou, ik wil er even heel kort op ingaan om je even wat context te schetsen.
[00:03:12] U begrijpt dat toen het jaar 70 aanbrak en de Joodse opstand in volle gang was en de Romeinen het neersloegen, toen Jeruzalem werd verwoest, het tempel werd verwoest, toen bleef er in de tijd daarna van het veelkleurige Jodendom wat er in die dagen van Jezus was, voor het jaar 70 dus, bleef er eigenlijk niet veel meer over.
[00:03:31] Na het jaar 70 veranderde veel.
[00:03:34] In het Joodse volk en in het Jodendom zelf.
[00:03:37] Vooral omdat veel van de veelkleurigheid verdwijnt. Veel groeperingen die we tegenkomen in het Nieuwe Testament, die verdwijnen eigenlijk.
[00:03:44] De Sadduzeeën, vooral de priesterstaten daarbij, hadden veel contact ook met de Romeinen. Ja, een hele rol was uitgespeeld. De tempel was er ook niet meer.
[00:03:55] Of de Zeeloten, degene die de opstand leiden tegen Rome. Die werden neergeslagen, die waren afgeslacht.
[00:04:01] En zo verdwenen veel groeperingen in die tijd.
[00:04:05] En zou je, als je het heel kortweg zegt, twee groeperingen die overbleven.
[00:04:10] Dat was de fariseeën, de fariseese stroming, die we ook in het Nieuwe Testament tegenkomen.
[00:04:16] En een vrij nieuwe beweging, de Jonge Kerk.
[00:04:20] In Handelingen ontstaat het, dan zien we het ontstaan van die jonge kerk, en kerk is dan eigenlijk nog niet helemaal de goede benaming.
[00:04:26] Omdat we vaak in kerk denken aan wat een kerk nu is.
[00:04:30] Maar we moeten goed beseffen, het is een, ik noem het dan maar even een Jezusbeweging, het is een beweging binnen het Jodendom van die dagen, van Joden die Jezus zagen als de Messias.
[00:04:40] En langzaam en zeker komen er steeds meer niet-Joden bij.
[00:04:43] En het is na het jaar zeventig dat die twee stromingen, die twee Joodse stromingen, want dat zijn ze, de Forisese stroming en de Jezusbeweging, als het ware overblijven.
[00:04:54] Zij weten een antwoord te formuleren op een tijd die gaat aanbreken waarin de tempel er niet meer is. Waar Jeruzalem niet meer het centrum is. Want de Romeinen maken daar de dienst uit en het is klaar.
[00:05:06] In die weg van die twee die dan als het ware overblijven, groeien die langzaam uit elkaar.
[00:05:12] Het heeft verschillende factoren, daar gaan we nu niet op in.
[00:05:15] Maar er spelen verschillende dingen mee. Vooral bij de jonge kerk, bij de Jezusbeweging komen veel meer niet-joden. Het krijgt steeds meer een heidense kleur.
[00:05:23] Beiden voelen de noodzak om vast te leggen wat geloven ze en wat geloven ze niet.
[00:05:27] Bij de fariseeën ontstaat dat mondeling en traditie op schrift wordt gesteld. Dat op een gegeven moment totaal moet. Daar komt het rabbijnse jodendom vandaan.
[00:05:34] En aan de andere kant zie je de Jezusbeweging die ook de noodzaak voelt te formuleren wat geloven wij en wat geloven we niet. Kaders te maken. De kanon van het Nieuwe Testament wordt vastgesteld.
[00:05:45] Hier komen gebeden in plaats van offers. Bij de Jezusbeweging komt Jezus in plaats van de offers.
[00:05:50] Zo groeit men langzaam uit elkaar en wordt dat versterkt ook door Romeinse invloeden.
[00:05:56] Dan gaan we nu niet op één, maar het is belangrijk om één ding te noemen.
[00:05:59] En dat is dat op het moment dat die twee bewegingen uit elkaar gaan, steeds meer, en er soms op sommige punten zelfs een concurrentie gaat ontstaan, is er één term, één term die heel cruciaal is.
[00:06:13] En dat is de term Israël.
[00:06:16] Want je moet begrijpen dat in een tijd van het Romeinse Rijk, Het zo was dat dingen die oud waren, goed waren.
[00:06:24] Dingen die nieuwe waren, waren verdacht. En moest je wantrouwen.
[00:06:28] Dus iets was goed als het oud was.
[00:06:31] Dus toen die Jezusbeweging groeide, toen een steeds meer niet-Joodse kerk... ...en ze wilden zich als het ware profileren op de markt van de religies... ...moesten zij natuurlijk wel oude papieren hebben.
[00:06:42] En dat hadden zij natuurlijk, nou ja, niet zo erg aangezien er heel veel niet-Joden bij kwamen.
[00:06:48] En dus begon die jonge kerk al snel te zeggen, wij zijn eigenlijk Israël.
[00:06:54] Wij zijn eigenlijk, en daarmee kregen ze dus wel oude papieren, wij zijn eigenlijk de ware voorzetting van Gods verbond met Israël.
[00:07:03] Het volk van God, vroeger het Joodse volk, nu dat we dat zien bij de fariseeën, die hebben afgedaan, dat was klaar, en de kerk werd nu het Israël.
[00:07:14] Dus er ontstaat dus een concurrentie om de term Israël. Wie is Israël, zou je kunnen zeggen? Wie is nou eigenlijk het volk van God?
[00:07:22] Waar gaat God verder mee?
[00:07:24] Wie heeft het licht gezien?
[00:07:27] En je begrijpt dat de kerk, die zich wilde afzetten tegen de fariseesche Joodse stroming, al snel ging zeggen, ja wij zijn eigenlijk Israël. Godsverbond is eigenlijk met ons.
[00:07:38] En die Joden, nou goed, als een Joods dan bekeken tot Jezus, mag die ook bij de kerk horen?
[00:07:43] Maar voor de rest is het klaar qua rol. Hun rol als volk van God is uitgespeeld, dat is klaar. Ze hebben Jezus verworpen.
[00:07:52] En zo gaan die meegaan elkaar.
[00:07:55] En de kerk zei zelfs op een gegeven moment, ja dan mag die farisezen stroming, de synagoge, die mag zich dan nog wel Israel noemen, maar wij zijn het ware Israël.
[00:08:04] Wij zijn het geestelijke Israël. Wij zijn het eigenlijke Israël, het echte volk van God.
[00:08:09] En dan raken we aan het eerste model van vandaag.
[00:08:11] Het vervangingsmodel.
[00:08:13] de vervangingstheologie.
[00:08:16] En die begint al langzaam te ontstaan, omdat de kerk begint te zeggen, wij zijn Israël, wij zijn het eigenlijke volk van God.
[00:08:24] De kerk is de vervanger van het Joodse volk.
[00:08:28] Het Joodse volk was het eens, maar die rol is klaar. Ze hebben Jezus verworpen, ze hebben Jezus zelfs gedood, zo meende de kerk dat, en dat heeft de kerk heel lang gezegd.
[00:08:37] En dus was hun rol klaar. Hun waren niet langer volk van God. Dat was de kerk nu.
[00:08:42] De kerk werd het nieuwe Israël.
[00:08:45] Dat is vervangingstheologie.
[00:08:48] En gelukkig is er een hoop veranderd in theologenland en in kerkelijk Nederland, maar ook de kerken wereldwijd sinds 1948.
[00:08:57] Oprichting van de staat Israël drie jaar na de holocaust.
[00:09:01] Komt de kerk wel tot bezinning van de weg die we in hebben geslagen is niet de goede weg geweest.
[00:09:08] Er is een theologie ontstaan die verschrikkelijk veel schade heeft, brokkend. Niet alleen voor het Joodse volk, met al het antisemitisme vanuit de kerk, maar ook voor onszelf.
[00:09:19] Want wanneer de kerk begint te zeggen, in die eerste eeuwen, wij zijn het ware Israël, wij zijn het eigenlijke volk van God, wij zijn de vervanger van het Joodse volk, wanneer de kerk dat begint te zeggen, dan moet u goed begrijpen, de Bijbel blijft staan.
[00:09:35] En als je die Bijbel open slaat, Dan vind je bijna op elke bladzijde Israël.
[00:09:41] En dus begon de kerk te zeggen dat daar waar wij Israël lazen in de Bijbel, dan moesten we onszelf lezen.
[00:09:48] Als we Israël lazen, of Sion, of Jeruzalem, of Efraïm, of ik noem maar iets, dan moesten we onszelf lezen, dan lazen we de kerk.
[00:09:55] Dus als de profetieën waren over de toekomstig heil voor Israël, dan ging het over de kerk.
[00:10:01] Over de kerk die werd opgericht en de kerk die zal bloeien.
[00:10:05] Want waar Israël stond, kon je de kerk lezen, want de kerk is Israël, zo werd gemeend.
[00:10:10] Dat heeft allerlei gevolgen natuurlijk, tot op de dag van vandaag.
[00:10:16] De grootste gevolg hiervan is wel dat, denk ik, is dat wij de Bijbel zo vaak lezen met alleen het oog voor onszelf.
[00:10:28] En als we dat doen, en tuurlijk mag je lezen met het oog op jezelf, en spreekt God door zijn woord heen voor jou persoonlijk, natuurlijk.
[00:10:36] Maar als dat het enige is, als dat het enige is wat je eruit plukt en haalt, dan missen we zoveel van wie God is.
[00:10:45] En Gods plan met de wereld.
[00:10:48] En de vervangingstheologie heeft daar op een verschrikkelijke manier aan bijgetragen.
[00:10:54] Dus dat is model 1.
[00:10:57] Daar kan je natuurlijk nog veel meer over zeggen. Dat gaan we nu niet doen. Over de vervangingstheologie kun je nog veel meer praten, wat de gevolgen daarvan zijn tot op de dag van vandaag.
[00:11:05] Maar laten we even liggen. Ik hoop dat het helder is. Dat is dus de vervangingstheologie. Het vervangingsmodel. Het eerste model voor vandaag.
[00:11:13] Een andere manier, en die andere modellen, even wat context voordat we verder gaan. Die andere modellen hangen ook allemaal samen hoor, met de vervangingstheologie. De vervangingstheologie is wel echt... Een containerbegrip in die zin dat die andere modellen daar allemaal onder te schuiven zijn.
[00:11:28] Ik heb ook trouwens met het maken van deze modellen ergens natuurlijk een verdeling gemaakt. En je kan die verdeling ook anders leggen hoor. Je had ook drie modellen kunnen doen of tien modellen. Het ligt maar net even waar je de lijnen maakt. Maar voor het gemak heb ik lijnen getrokken en ben ik uitgekomen op zeven.
[00:11:43] Eerste dus het vervangingsmodel.
[00:11:46] Nummer twee.
[00:11:47] Het contrastmodel.
[00:11:50] Het contrastmodel kom je vandaag nog steeds tegen. En wat zegt dat contrastmodel? Niet dat iemand die term zo gebruikt, maar wat bedoelen we daarmee als ik erover spreek nu?
[00:12:00] Ik bedoel dit.
[00:12:03] Als we het hebben over Jezus, dan zie je nog heel vaak een manier van praten over Jezus, een manier van spreken over Jezus, die in contrast staat met Israël.
[00:12:16] Het beste zie je dat met de fariseeën.
[00:12:19] Stevast zien we Jezus als een soort concurrent van de fariseeën.
[00:12:24] We proberen de fariseeën en de schriftgeleerden, en hun zelfs waren een soort beeld voor heel Israël en voor het Joodse volk.
[00:12:30] Weet je wel, je proefde hem al blind, wettisch, die hadden het allemaal nog niet begrepen. En daartegenover zitten we Jezus.
[00:12:38] En die had een hele andere boodschap. En die verkondigde dat God een vader was.
[00:12:42] En dat de wet niet langer van toepassing was en dat het ging over de genade.
[00:12:47] En de joden, ja, die hadden dat niet begrepen.
[00:12:50] Telkens zetten we Jezus in contrast met Israël.
[00:12:53] Dat is wat het contrastmodel leert. En dat resulteert er dus in, dat wij Israël niet serieus meer nemen, of niet serieus hoeven te nemen.
[00:13:04] Want de belangrijkste persoon in ons geloof, Jezus Christus, stond tegenover Israël. Die stond ermee in contrast.
[00:13:11] Israël, de farisee, heeft schrift geleerd dat we zeg maar de donkere kant, Het Oude Testament, en daar kwam Jezus, en toen begon wat nieuws.
[00:13:21] En dan heb je van die... Om dat te ondersteunen, dat model, worden allerlei verschillende dingen naar boven gehaald.
[00:13:29] Om er bijvoorbeeld twee te noemen.
[00:13:31] Het eerste is eigenlijk, toen we dat net al, Jezus zou Gods Vader hebben genoemd. En dat deed Jezus.
[00:13:38] Maar dat was niet nieuw.
[00:13:40] We moeten niet denken dat Jezus voor het eerst God vader noemt en dat de Joden God nog nooit vader hadden genoemd.
[00:13:46] En dat ze daar blind voor waren of weet ik het wat.
[00:13:49] Zeker niet. In het Oude Testament kom je heel vaak tegen dat God een vader is.
[00:13:55] Ben ik voor Israël geen vader, zegt God in Jeremia.
[00:13:58] En ook in de besalmen noemen ze God vader.
[00:14:01] Dat is niet nieuw. Daarmee deed Jezus niets anders dan wat het Jodendom altijd al deed.
[00:14:06] En dat zie je ook bij mijn tweede puntje.
[00:14:09] In de bergreden kom je dat tegen.
[00:14:11] De bergreden wordt heel vaak gezien in dit contrastmodel. Namelijk de wettische fariseeën met hun alle muggenzichterijen en huigelachtige praktijken en al dat soort zaken. En Jezus die zegt wat anders.
[00:14:25] En dan met die ene uitspraak, weet u wel?
[00:14:27] Van u hebt gehoord wat er gezegd is, bla bla bla, maar ik zeg u. En dan komt Jezus met zijn uitspraak.
[00:14:36] Maar wat zo bijzonder is om te ontdekken, is dat Jezus daar niet zegt, maar ik zeg u.
[00:14:42] Het is geen tegenstelling in de bergreden.
[00:14:46] Als we dat terugvertalen van het Grieks naar het Hebreeuws, dan staat er, en ik zeg u.
[00:14:53] En en ik zeg u, is een typisch Joods-Rabijnse uitspraak, wat rabbies altijd hanteren.
[00:14:59] Namelijk, er is een tora-interpretatie, een interpretatie van de wet van God of van de tenag, En de rabbi zegt, en ik voeg er nog dit aan toe.
[00:15:09] En de volgende rabbi zegt, en ik voeg er nog dat aan toe. Snap u?
[00:15:13] En het is verteld, op Salat mag je niet werken, en ik zeg u, op Salat mag je ook niet reizen.
[00:15:17] En de andere rabbi zegt, en ik zeg, op Salat mag je ook niet... En zo wordt er altijd gediscussieerd om te zoeken naar de wil van God en naar de eigenlijke betekenis van de Torah.
[00:15:26] En daar sloot Jezus naadloos bij aan.
[00:15:30] Dus die uitspraken van, maar ik zeg u, niet correct, moet zijn, en ik zeg u, en daarmee komt Jezus weer terug waar hij hoort, namelijk in het Jodendom, in het Joodse volk, een onderdeel van het Joodse volk, heel dicht bij de fariseer staand.
[00:15:46] En dan zie je dus wat het kan doen. Geen oog hebben voor Israël, geen oog hebben voor het Hebreeuwse context, kan resulteren in een contrastmodel, waarbij we Jezus afschilderen, ...als het tegenovergestelde van het Jodendom.
[00:16:01] Als van Israël.
[00:16:03] En dus, en dat is dan het uiteindelijke resultaat... ...kunnen we Israël dus ook verwaarlozen. Hoeven we daar ook niks mee. Kunnen ze ons ook eigenlijk niks leren. Want ja, ze zijn nou eenmaal blind.
[00:16:14] Ze staan in contrast met Jezus. Maar het beeld is vals.
[00:16:19] Contrastmodel.
[00:16:21] Nummer drie.
[00:16:25] Evolutiemodel.
[00:16:27] Evolutiemodel.
[00:16:30] Maar het evolutiemodel, en dat kwam ook al vrij vroeg in de kerk op, was eigenlijk een beetje het idee dat de Joden, en dat sluit ook aan bij het contrastmodel tot op zekere hoogte, het is het idee dat de Joden eigenlijk een beetje zijn blijven steken.
[00:16:46] Het Oude Testament laat ons een god zien die vooral een beetje een soort stamgod is, die de god van de Hebreën is, en het is een beetje een nationalistisch verhaal, Tot daar, Jezus verschijnt en het Nieuwe Testament begint en de kerk ontstaat. En dan wordt er een universele godsdienst voor iedereen. Of je nou jood bent of niet jood, of wat dan ook.
[00:17:06] Evolutie. De kerk of het christelijk geloof is eigenlijk een verder geëvolueerde vorm van dat nationalistische joodse geloof. Die stamreligie van vroeger.
[00:17:19] Wij zijn verder geëvolueerd.
[00:17:23] En vandaag in de dag zie je het nog steeds terug, wanneer mensen bijvoorbeeld, en ik wil het niet veroordelen, maar ik proef het er vaak wel in, als men bijvoorbeeld alleen maar het Nieuwe Testament uitdeelt.
[00:17:34] Alsof dat kan.
[00:17:37] Maar ergens denken we dat dat kan, dat we alleen het Nieuwe Testament delen, want het vorige, ja, ja, ja, we kunnen wat leuke verhalen uithalen, maar het is eigenlijk niet meer relevant.
[00:17:47] Het Nieuwe Testament, daar gaat het eigenlijk echt om. Dat is verder geëvolueerd. Daar staan de echte waarheden. Daar wordt eigenlijk opnieuw gedefineerd wat het Koninkrijk van God is en wie Jezus is en wat het betekent om een goed leven te leiden.
[00:17:58] En het Oude Testament, ja ach... De hele term Oude Testament zit hem ook hierin.
[00:18:05] In dat evolutiemodel.
[00:18:07] Wij zijn verder geëvolueerd.
[00:18:09] De kerk, met de genade en het Nieuwe Testament. En daarom hebben we het eerste deel van de Bijbel oud genoemd.
[00:18:17] Het is te triest voor woorden, dat we het Woord van God, de Tenach zoals de Joden dat noemen, en wat voor Jezus heilig was, wat voor Paulus heilig was. Begrijp goed, er was geen Nieuwe Testament in die dagen.
[00:18:31] Die heilige schrift, dat wij het Oude Testament noemen.
[00:18:35] Een beetje gepasseerd station.
[00:18:38] Soms zeggen mensen dat een beetje, het hebt ook over Israël, ja is dat niet een beetje Oud Testamentisch? Ja precies, dat bedoel ik dus.
[00:18:46] Dan spreek ik weleens over de landbelofte. En dan zeggen mensen, ja, een landbelofte, dat is een beetje oud-testamentisch.
[00:18:51] Het is nu, ja, als het ware verder geëvolueerd, heeft een geestelijke betekenis. Het is de hemel geworden.
[00:18:58] Maar zo zit het niet.
[00:19:00] Zo zit het niet.
[00:19:03] We moeten begrijpen dat het Nieuwe Testament...
[00:19:07] Niet eens wat er tegenover staat, geen contrast, ook niet in verdere evoluties.
[00:19:12] Er is een verslag van Jezus als de beloofde Messias. En wat komt de Messias doen? Nou, alles wat de Tenach heeft gezegd, alles wat de profeten hebben verteld.
[00:19:19] Dat is de eigenlijke schrift.
[00:19:22] En we vinden in het Nieuwe Testament het verslag van Jezus als de beloofde Messias. En we lezen over de apostelen en over brieven van de apostelen, die continu daarop voortborduren.
[00:19:32] Dat laatste Bijbelboek, openbaringen, dat kan natuurlijk niet zonder het Oude Testament.
[00:19:37] Als je alle citaten eruit zou knippen, dan zou je er maar een blad zouden overhouden van openbaringen.
[00:19:43] Maar dat zit er wel sterk in bij mensen. Evolutiemodel.
[00:19:47] Wij zijn verder geëvolueerd en de jodia die zijn eigenlijk een beetje blijven steken.
[00:19:51] En zo kijken we dan ook naar hen.
[00:19:53] En dan opnieuw, dat zei ik net ook al, en opnieuw kunnen wij dus ook van rabbijnen eigenlijk niks leren.
[00:19:59] Want ja, ze zijn nog een beetje blijven hangen.
[00:20:02] ...in Darwinistische termen zou noemen... ...van aap naar mens, zoals Darwin dan zegt.
[00:20:07] Ja, dan zijn wij de mens geworden en de Joden zijn nog een soort aap. Ja, daar kun je niet zoveel mee. Die hebben ons weinig te leren. Wij zijn verder geëvolueerd. Wij hebben het complete plaatje.
[00:20:21] En zo werd Jodendom en Israël aan de kant geschoven.
[00:20:24] Niet meer relevant.
[00:20:25] Niet meer bezig zijn.
[00:20:26] Joodse feesten?
[00:20:28] Oud-testamentisch. Landbeloften? Oud-testamentisch. Klaar.
[00:20:33] Model 3.
[00:20:35] Gaan we nu naar model 4.
[00:20:39] De laatste voor vandaag.
[00:20:42] Dat is het religiemodel.
[00:20:44] En wat zegt het religiemodel?
[00:20:47] Het religiemodel kan twee kanten op.
[00:20:50] Het religiemodel zegt... De Joodse godsdienst, het Jodendom, is eigenlijk een religie als zoveel religies.
[00:20:59] Het heeft geen bijzondere status, het is niet bijzonderder dan onze eigen godsdienst, dan ons christelijk geloof. Het is gewoon één van de religies.
[00:21:06] En daar kun je dan op twee manieren mee omgaan.
[00:21:09] Wat postmoderne christen zou zeggen, weet je, in elke religie zit God.
[00:21:14] In het christelijk geloof zit God uiteraard, maar in de islam vind je ook God, in de joden vind je een beetje God, en als je boeddhist wordt vind je God, en overal vind je een beetje God.
[00:21:23] En daarmee is het joodse volk en de plek van Israël niet bijzonderder.
[00:21:27] Nee, waarom?
[00:21:29] Het is allemaal hetzelfde.
[00:21:31] Dat zou een postmodern mens zeggen.
[00:21:34] Maar als je dan nog een beetje aan de andere kant zit en je bent een wat fundamentalistische christen, als we het zo even mogen zeggen, dan zeg je nou, wacht even, er zijn allerlei religies in deze wereld, maar de enige ware religie is de christelijke godsdienst. Dat is de ware godsdienst. Wij eren en dienen de ware god, die is bij ons te vinden, in de kerk.
[00:21:53] En het jodendom, ja, is daar niet heel veel anders dan de islam.
[00:21:58] Alletwee een niet kloppende godsdienst, een valse religie.
[00:22:03] Het is niet anders dan dat ik met een Joods zou spreken, als dat ik met een Boeddhist zou spreken. Alletwee hebben ze het mis.
[00:22:11] En daarmee verliest, dat voel je natuurlijk al aan, Israël opnieuw zijn plek.
[00:22:16] Als wij als christelijke kerk zeggen dat het Jodendom en het Joodse volk en de godsdienst van hen, is als alle andere godsdiensten, Ja, dan hebben zij ons niks te vertellen, want dan hebben wij hun wat te vertellen.
[00:22:30] Net als dat we misschien een moslim willen bekeren, of een boeddhist, of een atheïst, of een agnost, of wat dan ook, zo hebben wij ook joden te bekeren. Want ja, ze hebben het niet ja, weet je. Ze hangen een valse god aan, een valse religie.
[00:22:43] Het jodendom is dan gewoon één van de vele religies.
[00:22:48] En dat is zeer kwalijk, omdat we dan niet...
[00:22:51] ...begrijpen, en daarmee haak ik weer in op dat evolutiemodel en het contrastmodel, maar ook het vervangingsmodel... ...dat we niet begrijpen... ...dat God met Israël begonnen is.
[00:23:03] Dat God zegt, ik ben de God van Israël.
[00:23:05] En dat God niet zegt, dat is nu klaar.
[00:23:08] En het is niet zo dat Israël nu anders gedefinieerd moet worden, dat het nu de kerk is.
[00:23:13] Of dat Israël alleen iets van vroeger was. Of wat we er dan ook van gemaakt hebben. Nee, ik ben nog steeds de God van Israël.
[00:23:21] Daar werd ik gevonden en daar word ik gevonden. Wij staan hier. U ruist het vandaag en u gaat naar de kerk en u dient God omdat Israel die boodschappen nu verteld heeft.
[00:23:33] Natuurlijk Jezus, het evangelie kwam tot ons, maar vanuit Israël.
[00:23:38] Jezus was een Jood.
[00:23:40] De hele Bijbel is Joods.
[00:23:42] Het komt van hen vandaan.
[00:23:45] Dat kunnen we nooit zeggen. Nooit kunnen we zeggen dat zij een andere God dienen.
[00:23:50] Of een valse god, of een valse godsdienst zouden hebben. Het is een godsdienst, hun dienst aan god is een door god zelf ingestelde godsdienst. Hebben we daar weleens over nagedacht?
[00:24:01] De Sabbat die zij vieren, of de Pesach maaltijd, ik noem maar wat.
[00:24:07] Over alles waar het Joodse volk kermerkt, de besnijdenis.
[00:24:11] Ik noem nu maar wat dingen. Dat zijn allemaal dingen die door God zichzelf zijn ingesteld. Door God gewild zijn.
[00:24:17] En volgens God in de Bijbel, zegt God in de Bijbel, het zijn dingen die eeuwig zijn.
[00:24:24] Dus met zo'n religiemodel gaan we er volledig tegen in om te zeggen, het is gewoon één van de religies.
[00:24:31] Het is niet één van de religies.
[00:24:34] Er zijn zat valse religies in de wereld, zeker weten.
[00:24:37] Valse beelden van God.
[00:24:41] Maar het jodendom is dat niet.
[00:24:43] Integendeel, daar kunnen we nog heel veel van leren. En daarin zijn wij met de jodenbroeders van elkaar.
[00:24:51] En daar gaan we het voor nu bij laten. We hebben dus vandaag behandeld het vervangingsmodel dat u bekend is.
[00:24:58] Israël, of de kerk in plaats van Israël. En dus waar we Israël lazen, lazen we onszelf met alle vreselijke gevolgen van dien.
[00:25:06] Het contrastmodel zie je vooral terug bij Jezus in de zin van hoe wij Jezus interpreteren als een contrast met de farisee, als een contrast met Israël.
[00:25:15] Binnen dat model heerst ook een heel groot, groot, groot scheidslijn, een groot contrast dus tussen Oude en Nieuwe Testament. Oude en Nieuwe Verbond, Oude Verbond met Israël, Nieuwe Verbond met de kerk.
[00:25:26] Contrast.
[00:25:28] Nummer drie was het evolutiemodel. Wij zijn verder geëvolueerd en de Joden zijn een beetje blij versteken. Arme blinde Joden, ach.
[00:25:35] Maar wij zijn verder geëvolueerd. Wij hebben de waarheid.
[00:25:39] En het laatste was het religiemodel.
[00:25:41] Wij zijn de ware godsdienst.
[00:25:43] En wij zullen ze moeten bekeren. Want zij zijn gewoon één van de vele religies. Of één van de vele in de wereld.
[00:25:49] En wij zullen ze moeten bekeren door het christendom.
[00:25:53] En u begrijpt, allemaal gaan ze mis en allemaal komen ze terug op één en hetzelfde, namelijk Israël, het fysieke volk Israël, het fysieke Joodse volk. Het mag er vandaag het dag niet zijn. In onze theologie mag het niet zijn. Volgens de wereld mag het er niet zijn.
[00:26:08] En voor God is het z'n oogappel.
[00:26:11] Voor God is het z'n oogappel.
[00:26:14] Laten we danken.
[00:26:18] Vader in de hemel, meer dank u wel voor voor uw woord.
[00:26:27] Heer en ik bid ook dat u uw woord echt serieus neemt.
[00:26:29] We hebben zo vaak in de kerk eraan geknutseld en gedaan om onszelf erin te lezen of bepaalde dingen niet te lezen of om bepaalde gedeeltes door een bepaalde bril te lezen.
[00:26:40] Heer, er zijn allerlei manieren en vormen ontstaan om Israël niet langer meer Israël te laten zijn. Met alle vreselijke gevolgen van dien.
[00:26:49] Heer en ik bid ook voor vergeving.
[00:26:53] Maar ik bid ook voor open ogen.
[00:26:54] Dat we met nieuwe ogen leren naar de Bijbel te kijken.
[00:26:58] En eerlijk te lezen. En dat waar Israël staat, het ook over Israël gaat.
[00:27:02] En misschien zijn we dan soms toeschouwer en niet de hoofdrolspeler.
[00:27:07] Heer, dan wilt u de dingen die wij geleerd hebben, wegnemen. Dingen die niet van u zijn, wegnemen.
[00:27:15] Zodat we met ogen van u naar Israël kunnen kijken.
[00:27:19] Met vernieuwde ogen.
[00:27:21] En dat we mogen leren wat het betekent om Israël te zegenen. Om Israël die plek te geven die het voor u heeft.
[00:27:29] En dat.