Episode Transcript
[00:00:05] Welkom bij weer een nieuwe studie van Christenen voor Israël.
[00:00:08] Een Bijbelstudie, twee delen dit keer. En we gaan nadenken over een bekend Bijbelverhaal. Een verhaal wat we als christenen allemaal kennen. In ieder geval van de Zondagsschool, daar horen we hem heel vaak. Het is het verhaal van David en Goliath.
[00:00:21] Dat is natuurlijk bekend, het verhaal van David en Goliath, dat David de reus Goliath verslaat.
[00:00:27] En toen ik de laatste geschiedenis van dat verhaal las in de Bijbel, Toen viel mij één vers specifiek op.
[00:00:34] Eén vers die sprong als het ware uit en we gaan straks dat vers bekijken.
[00:00:41] Maar het is een vers wat laat zien dat het verhaal van David en Goda niet zomaar geschiedenis is en een mooi verhaal voor de zonneschool, voor de kinderbibels.
[00:00:51] maar dat het verhaal van David in Goliath ook een profetisch verhaal is.
[00:00:55] Dat het eigenlijk iets toont van wat er in de toekomst, in de eindtijdsstrijd, zo zou ik het kunnen zeggen, wat er gebeuren gaat. En dus ook als straks de zoon van David, Jezus Christus, verschijnt en wat er dan zich allemaal te wachten staat, wat er allemaal gaat gebeuren.
[00:01:12] En zometeen wil ik met u een stuk uit Eend Samuel 17 lezen, het stuk waar dus het verhaal van David in Goliath staat.
[00:01:20] En willen we daar vanuit het stuk wat we hebben gelezen wat profetische lijnen trekken, naar andere profetieën en naar Jezus toe en enzovoort.
[00:01:30] En voordat we dat gaan doen wil ik eerst met u bidden.
[00:01:34] Trouwe Vader in de hemel, God van Israël. Jullie komen zo bij u aan het begin van deze lezing van deze bijbelstudie.
[00:01:43] Als we uw woord weer gaan opendoen, als we gaan lezen wat u allemaal zegt en wat door de monden van profeten geprofiteerd is over de toekomst.
[00:01:54] Heer, dan bid ik ook dat we vervuld zijn met de Heilige Geest, dat we met de ogen van de Geest daarnaar kijken en daarnaar luisteren. Dat u door uw woord kan spreken tot ons, tot wat u ons wilt vertellen over wat er in de toekomst te gebeuren staat.
[00:02:08] Heer, dat we niet gaan zitten rekenen of zitten uitpluisen hoe precies, maar dat we zicht houden op u en dat u het in uw hand heeft. Dat u uw plan gaat volvoeren met Israël en met deze wereld.
[00:02:18] En dat bid ik voor in de naam van Jezus. Amen.
[00:02:22] Ja, David in Goliath dus.
[00:02:25] David in Goliath.
[00:02:27] Voordat we naar het verhaal gaan kijken, is er even iets anders.
[00:02:32] Ik hoef het u vast niet te vertellen, maar antisemitisme neemt enorm toe. We lezen natuurlijk allerlei berichten komen er voorbij, in de krant of op social media.
[00:02:42] over berichten waarin Israël eigenlijk wordt zwart gemaakt, waarin het laatst in de Volkskrant was dat het geval. Het ook blijkbaar kan dat je in één keer Joden in het algemeen belachelijk maakt, dat was toen in een cartoon.
[00:02:56] Blijkbaar gaan we een kant op en steeds meer zie je dat waarin de isdalhaat grote proporties aanneemt. En waarin ook gewoon weer oude antisemitische beelden die er leven rondom joden, gewoon weer uit de kast worden gehaald als het ware. En worden geplakt op isdal en dan onder de noemen van dat het antizionisme is. Maar dat het heel vaak gewoon antisemitisme blijkt te zijn. Gewoon jodenhaat. Gewoon oud-Jodenhaat. Wat er al zoveel eeuwen zit, komt er nu gewoon weer uit. Ja, natuurlijk in een ander jasje, in een andere vorm, maar daaronder zit hetzelfde.
[00:03:33] En ik weet niet of u dat ook hebt, maar ik ervaar het zelf wel, zeker in deze tijd, dat je er soms wat moedeloos van wordt. Dat je kan denken, poeh, waar gaat dit heen?
[00:03:45] Als je hoort dat ook zoveel Joodse Nederlanders vertrekken uit Nederland naar Israël toe, omdat ze hier gewoon geen toekomst zien voor hunzelf of voor hun kinderen.
[00:03:56] Dan denk ik wel, welke tijd leven we in en waar gaat het heen?
[00:04:02] En soms denk ik dan ook, ja, ik bid ervoor en tegelijkertijd voelt mijn gebed ook maar als een deupel in een oceaan. Wat heeft het, ja ja, denk ik dan soms, voor zin? En natuurlijk heeft het zin, dat weet ik, maar het voelt soms alsof het geen zin heeft. Hoe kan het tijdig worden gekeerd?
[00:04:19] Hoe kan het anders? Waar gaan we heen? En soms zakt dan de moedje even in de schoenen en dan is het...
[00:04:27] Juist dan is het weer goed om die Bijbel open te slaan. En dan denk ik, oké, wat zegt God erover? Want God loopt het namelijk niet uit de hand. En in de Bijbel lees je dat gebed wel degelijk werkt.
[00:04:37] En dan kun je weer aangemoedigd worden om te vertrouwen op God en te weten dat Hij veel machtiger is dan wat er nu allemaal in de wereld gebeurt. En ook waar we naartoe op weg zijn.
[00:04:48] En zo kom ik dus eigenlijk weer terug bij dat verhaal van David en Goliath. Want David en Goliath, ik noemde dat net al, Dat is eigenlijk een profetisch verhaal.
[00:04:56] Er zitten hele mooie profetische lijnen in, wat ons vandaag de dag ook als christenen kan bemoedigen in de tijd waarin we leven.
[00:05:03] Want ook Israël in die tijd, daar op dat slagveld, in de frontlinies tegenover de Filistijnen met een reus aan de andere kant, ook voor hun zakte de moed in hun schoenen.
[00:05:13] We waren bang, bevreesd, hun durfden niet te vechten.
[00:05:17] En dan zie je toch in één keer dat er een wissel komt om het zomaar te zeggen. Daar verschijnt hij en dan loopt het verhaal heel anders.
[00:05:27] Ik wil met u lezen, 1 Samuel 17 en dan lees ik even vanaf vers 23.
[00:05:33] Even een stukje context.
[00:05:36] Eend Samuel 17 begint met de strijd tussen Israël en de Filistijnen. Ze zijn in een vallei en de Filistijnen aan de ene kant, Israël aan de andere kant.
[00:05:45] De Filistijnen hebben een reus, Goliath.
[00:05:48] Bijna van drie meter lang, een harnas van zestig kilo.
[00:05:51] En dag in dag uit komt deze Filistijn, deze reus naar voren, Goliath, en hij hoont staat er dan de gelederen van Israël. Hij spott dus met de legers van Israël en dan loopt ze te vervloeken en te tieren en te doen.
[00:06:07] En drie zoons van Isaïe, een man uit Bethlehem, die zijn op dat moment in dat slagveld, aan de frontlinie zeg maar.
[00:06:15] En Isaïe de Bethlehemite heeft nog een zoon, zijn jongste zoon David, die is bij de kudde, bij de schapen.
[00:06:21] En hij stuurt zijn jongste zoon David met voedsel naar zijn drie oudere broers, die op dat moment dus op dat slagveld zijn.
[00:06:28] En zo vangt eigenlijk vers 23 aan.
[00:06:32] En terwijl hij met een sprak, dat is dus David, die sprak dus met de Israelieten. Hij kwam daar aan met het voedsel voor zijn broers. Hij was dus op dat kamp.
[00:06:41] En terwijl hij met een sprak zie de kampvechter kwam eraan. En zijn naam was Goliath, een Filistijn uit Gad. Uit de gelederen van de Filistijnen.
[00:06:49] Hij sprak dezelfde woorden en David hoorde ze. Dus dezelfde woorden, dat hij dag in dag uit al loopt te roepen. Hé de honing, de gelederen van Israël. Wie gaat met mij vechten? Wie durft het aan? De hele dag loopt Gode dat te roepen.
[00:07:02] En David hoort dat dus.
[00:07:05] En toen de mannen van Israël die man zagen, vluchten ze alle voor hem weg en ze waren zeer bevreest.
[00:07:10] De mannen van Israel zeiden, hebt u die man wel gezien die gekomen is? Want hij is gekomen om Israël te honen.
[00:07:17] De koning zal de man die hem verslaat grote rijkdom schenken.
[00:07:21] Hij zal hem zijn dochter tot vrouw geven. En het huis van zijn vader vrijstellen van lasten in Israël.
[00:07:27] Toen zei David tegen de mannen die bij hem stonden.
[00:07:30] Wat zal men deze man doen? Wat zal men de man doen die deze Filistijn verslaat en de smaad van Israël afwendt?
[00:07:39] Want wie is die onbesneden Filistein wel? Dat hij de gelederen van de levende God durft te honen.
[00:07:45] Wie is die onbesneden Filistein wel, dat hij de gelederen van de levende God durft te honen. David is als het ware heilig verontwaardigd, hij hoort het aan en denkt, wie is die onbesneden Filisteen wel?
[00:07:57] Hij staat hier niet zomaar met Israël te spotten, hij staat hier te honen de gelederen van de levende God. Dat is hij aan het doen.
[00:08:04] En Saldi daar in zijn tent, zit die koning Saldi, vangt die woorden buitenop, Die roept David zijn tent in, en zo raken David en Sal met elkaar in een gesprek.
[00:08:14] En David zegt tegen Sal, laat me met die Filistijn weg, ik ga hem verslaan.
[00:08:19] Waarop Sal dan gaat zeggen, ja maar David, je bent nog maar een jongen. Hij is een reus, hij is een strijder, je kan die reus nog nooit verslaan. En dan begint David zichzelf te verdedigen.
[00:08:30] Hij zegt, ik ben een herder en ja, ik ben nog misschien maar een herder, maar ik heb wel een leeuw verslagen en een beer verslagen. En meer nog, het is de Heere die mij bevrijd heeft van die beer en van die leeuw.
[00:08:44] En in de naam van de Heere zal ik gaan om die Filistijn te verslaan.
[00:08:48] Want de Heere is veel machtiger dan die Filistijn, veel machtiger dan de beer en de leeuw, dan het allemaal bij elkaar.
[00:08:53] En zo geeft Sal toe en Sal die zegt, David je mag gaan, ga in de naam van de Heere.
[00:08:59] En Sal geeft hem nog zijn harnas aan en zijn helm en zijn zwaard en alles erop en eraan. Nou David is nog maar een jongen, die past dat helemaal niet. Veel te groot, veel te zwaar. Dus David doet dat uit.
[00:09:09] En David gaat om het zomaar te zeggen, gewoon in zijn herderskleding, in zijn herderskloffie en met zijn stof, met zijn staf en met zijn herderstas en zijn stenen gaat hij op pad.
[00:09:18] En zo lees ik even verder, vanaf vers 40.
[00:09:21] Hij nam zijn staf in zijn hand, koos voor zich vijf gladdenstenen uit de beek en legde ze in de heddertas die hij had, te weten in de zak. En zijn slinger was in zijn hand. En zo naderde hij tot de Filistijn.
[00:09:33] De Filistijn kwam gaandeweg dichterbij David en de man die zijn schild droeg liep voor hem uit.
[00:09:39] Toen de Filistijn opkeek en David zag, verachtte hij hem, want hij was nog maar een jongen, rossig en knap van uiterlijk.
[00:09:47] De Filistijn zei tegen David, ben ik een hond dat je met stokken naar me toe komt?
[00:09:52] En de Filistijn vervloekte David bij zijn goden.
[00:09:56] Daarna zei de Filistijn tegen David, kom naar me toe, dan zal ik je vlees aan de voogden in de lucht geven en aan de dieren op het veld.
[00:10:06] Maar David zei tegen de Filistijn, U komt naar mij toe met een zwaard, met een speer en met een werpspies, maar ik kom naar u toe in de naam van de heren van de legermachten, de God van de gelederen van Israël, die u gehoond hebt.
[00:10:23] Op deze dag zal de Heer u in mijn hand overleveren. Ik zal u verslaan en ik zal uw kop van u wegnemen, uw hoofd van u wegnemen. Ik zal deze dag de dode lichamen van het leger van de Filistijnen aan de volks in de lucht geven en aan de dieren van de aarde.
[00:10:41] En heel de aarde zal weten dat Israël een God heeft.
[00:10:46] En deze hele gemeente zal weten dat de heren niet door zwaard en ook niet door speer verlost, want de strijd is van de heren. Hij zal u in onze hand geven.
[00:10:57] En het gebeurde. Toen de Filistijn opstond en naar voren kwam David tegemoet, dat David snel naar de gevechtslinie liep de Filistijn tegemoet.
[00:11:05] Vervolgens stak David zijn hand in een tas.
[00:11:08] Hij nam zijn steen en slingerde die weg en raakte de Filistein daarmee tegen zijn voorhoofd, zodat de steen in zijn voorhoofden drong en hij met zijn gezicht ter aarde viel.
[00:11:18] Zo overwon David de Filistein met een slinger en met een steen. Hij versloeg de Filistein en hij doodde hem.
[00:11:27] Maar een zwaard had David niet in zijn hand.
[00:11:29] Daarom snelde David naar voren toe, ging bij de Filistijnen staan, hij nam die zwaard, trok het uit zijn scheden en doodde hem en hij hakte zijn hoofd ermee af.
[00:11:41] Toen de Filistijnen zagen dat een held dood was, vluchten zij weg.
[00:11:45] Toen stonden de mannen van Israël en Judah op en ze juichten en ze achtervolgden de Filistijnen tot waar u bij de Vallei komt en tot bij de poorten van Ekron.
[00:11:54] De Filistijnen vielen dodelijk gewonden op de weg van Saariem tot aan Gad en tot aan Ekron. Tot zover even het verhaal van David en Goliath.
[00:12:08] Ik zei net al aan het begin dat ik het laatst dus las en dat mij één vers opviel.
[00:12:15] Wat voor mij even het licht wierde op het feit dat dit niet alleen een prachtig verhaal is, een verhaal van de kracht van God, dat de mens eigenlijk niet strijdt en dat God niet verlost door speren of zwaren, maar dat het gaat over dat God zelf degene is die redt en verlost. Dat het gaat om de kracht van God.
[00:12:35] Dat zijn prachtige dingen die erin zitten.
[00:12:38] Maar dat is niet het enige. Er zit nog meer in.
[00:12:41] En dat viel mij dus op aan de hand van het ene vers, vers 46.
[00:12:45] En daar staat dus dat heel de aarde zal weten dat Israël een God heeft.
[00:12:51] Dat is wat David riep. Hij ging die Filistein tegemoet. Hij ging hem verslaan. En hij zegt ook, ik kom in de naam van de Heer, van de legerwachter, die u gehandhebt.
[00:13:02] En als ik u dan verslagen heb, want ik ga u verslaan, of beter gezegd, de Heer gaat u verslaan. Dan zal heel de aarde weten dat Israël een God heeft.
[00:13:11] Op het moment zelf, toen dit gebeurde en dus David de Filistijn versloeg, wisten in ieder geval de Filistijnen dat Israël een God heeft.
[00:13:20] En Israël zelf, die beseften dat te meer, dat de God aan hun kant een machtig God is en de machtigste is.
[00:13:29] Maar heel de aarde besefte dat toch niet. Misschien de volken rondom hadden het ondertussen ook wel gehoord en beseften dat de God van Israël een machtig God is.
[00:13:38] Maar het is ook profetisch dat het moment gaat komen, en wie weet hoe spoedig al, dat heel de aarde, ieder volk, ieder mens zal weten dat Israël een God heeft.
[00:13:50] En wanneer gebeurt dat dan?
[00:13:52] Nou, net als in het verhaal van David, en dan zie je die profetische lijnen ontstaan.
[00:13:56] Net als in dit verhaal, wanneer die zoon van David verschijnt.
[00:14:00] Wanneer Jezus Christus verschijnt, de grote zoon van David, de Messias, de Gezalfde.
[00:14:06] Daar is David hier een type van. Een type van Jezus die eens verschijnen gaat en namens God die strijd gaat voeren.
[00:14:16] Dat gaat er gebeuren.
[00:14:17] En dan zal, wat dus vers 46 zegt, dan zal heel de aarde weten dat Israël een god heeft.
[00:14:24] En wat je dan ook ziet, en daar kun je gelijk een parallel naar het nu trekken, wat je ziet dan ook in het verhaal, is dat het begint met die reus natuurlijk.
[00:14:36] En die reus die begint te tieren en te roepen en hij begint te spotten al de legers van Israël.
[00:14:42] Maar dat er achter het spotten van Goliath... ...en dat bespotten dus van Israël iets veel diepers gaat.
[00:14:48] En David ziet dat. David hoort die Filistijn schreeuwen. En hij zegt, wie is die Filistijn wel? Wat denkt hij wel?
[00:14:55] Hij spot met God.
[00:14:57] Hij spot met God! Die Filistijn spot niet zozeer met Israël. Ja, dat doet hij ook.
[00:15:02] Maar daarachter zit iets diepers.
[00:15:04] Hij spot met de God van Israël. Die is hij aan het honen. Die is hij belachelijk aan het maken. Die is hij aan het vervloeken. Dat is wat er gebeurt.
[00:15:12] Daarom zegt David ook, wie is die onbesneden Filistijn? Dat hij de gelederen van de levende God durft te honen.
[00:15:20] Of meer nog, als hij dus daar die Filistijn toe gaat, ik kom in de naam van de heren van de legermachten, de God van de gelederen van Israël, die u gehoond hebt.
[00:15:29] Die hebt u gehoond.
[00:15:30] De God van de gelederen van Israël. Daar gaat het om.
[00:15:34] En dan is het zo...
[00:15:37] Bijzonder om naar het nu te kijken, maar ook naar de nabije toekomst of de verre toekomst. De strijd rondom Israël wordt steeds heftiger.
[00:15:47] Daarom is Goliath ook een reus. Het kan soms reuzachtig aanvoelen. Het antisemitisme, de jodenhaat, het hele anti-Israël klimaat. Het kan bijna reuzachtige vormen aannemen. Het heeft reuzachtige vormen. Je kan soms de moed laten in de schoenen laten zinken.
[00:16:04] Maar dan kun je hem in ieder geval al doorhebben, maar wacht even.
[00:16:07] ...achter alles wat er nu gebeurt, hoe groot het ook mag blijken... ...of hoe groot het ook mag lijken... ...daarachter zit iets diepers.
[00:16:15] En dat is de duivel en de duisternis. Die gebruik maakt van de wereld en van mooi beredeneerde dingen... ...en van de media en van dergelijke... ...allemaal om de God van Israël te bespotten. Om zijn planeten te dwarsbomen.
[00:16:28] Om ervoor te zorgen dat God zijn koninkrijk op aarde niet kan gaan vestigen. Omdat de duivel bezig is met het demoniseren en het... Ja, uitmoorden eigenlijk van Israël.
[00:16:40] From the river to the sea.
[00:16:42] Israël moet helemaal weg.
[00:16:44] En dat brengt ons dan gelijk naar Psalm 83.
[00:16:49] Psalm 83 laat precies hetzelfde zien wat we dus lezen in David en Goliath en wat we vandaag de dag zien.
[00:16:56] Wat zegt Psalm 83 dan?
[00:16:58] Die begint met een gebed naar God. God houdt u niet stil.
[00:17:02] God houdt u niet stil, want uw vijanden tieren.
[00:17:05] God, degene die u haten, die steken hun hoofd omhoog.
[00:17:09] En wat doen die vijanden van God dan? Hoe uitzicht die vijandschap tegen God? Hoe uitzicht dat dan? Nou, daar gaat die persoon verder, vers 4. Ze beramen een aanslag, een listige aanslag tegen uw volk. Dat is wat ze doen.
[00:17:22] Kom, zeggen ze in vers 5, kom laten wij hen uitroeien, zodat zij geen volk meer zijn.
[00:17:28] En dat aan de naam van Israël niet meer gedacht wordt.
[00:17:33] Dat is bijzonder.
[00:17:34] Of bijzonder, dat is heftig.
[00:17:36] Dat betekent dus dat de vijanden van God, de duisternis, die God spannen wil dwarsbomen, dat de duivel dat uit in een haat tegen Israël.
[00:17:50] De duivel haat de dingen die van God zijn.
[00:17:54] En de wereld die voor een groot deel in die duisternis is, haat de dingen die van God zijn.
[00:18:00] Daarom is er ook zoveel vervolging voor de kerk.
[00:18:03] Laatst was ik bij Opendoors en dan schrik je weer.
[00:18:06] En dan denk je, zoveel miljoenen christenen worden vervolgd.
[00:18:09] Maar er zijn zoveel andere dingen, andere terreinen. Ik denk nu aan huwelijk of identiteit, waar de duivel oorlog op voert.
[00:18:22] En telkens is de duivel dus bezig met het kapot maken van de dingen van God.
[00:18:30] En dat zien we vandaag de dag bij Israël ook.
[00:18:33] En dat is precies wat die psalmist dus zegt. God, het zijn uw vijanden. God, ze haten u.
[00:18:39] De vijanden van u steken hun hoofd omhoog. En wat doen zij? Ze gaan een aanslag plegen tegen uw volk.
[00:18:45] Over het volk waarover uw naam is uitgeroepen. Over het land waarover uw naam is uitgeroept. Over de stad, Jeruzalem, waarover uw nam is uitgeroepen.
[00:18:54] Ze zeggen kom, laten we ze uitroeien. Zodat de naam van Israël niet meer gedacht wordt.
[00:18:59] Oftewel, vertaald naar vandaag, gedacht from the river to the sea.
[00:19:03] Palestine will be free. Geen Israël.
[00:19:05] Aan de naam niet meer denken. Dat moet weg. Dan is de vrede. Dat is het idee wat hij er heeft.
[00:19:12] En dat is dus... En dat is dus wat er dus... Dus ook achter zit bij dat verhaal van David en Goliath. En David heeft dat door.
[00:19:20] Goliath staat niet zomaar te schreeuwen en belachelijk te maken en te bespotten.
[00:19:25] Hij bespot de God van Israël.
[00:19:28] Er staat ook dat Goliath David ook vervloekt bij zijn Gode.
[00:19:33] ...dan zie je ook dat geestelijke aspect erin zitten.
[00:19:35] Dat gaat er eigenlijk achter schaal.
[00:19:37] En David die heeft dat door.
[00:19:39] En David... ...die, wat ik al zeg, die raakt als het ware... ...heilig verontwaardigd en hij weet... ...dat de naam van de Heer vele malen machtiger, sterker en groter is... ...dan Goliath en al zijn vervloek... ...en al zijn getier.
[00:19:54] Dan alle vijanden van God... ...is de naam van de Heer veel machtiger. Het licht is altijd veel sterker dan de duisternis.
[00:20:02] En zo gaat David dus de Filistijn tegemoet.
[00:20:06] En zo gaat het straks ook als we kijken naar deze tijd en de strijd rondom Israël wordt heftiger.
[00:20:13] In het net rondom Israël wordt steeds strakker aangetrokken.
[00:20:16] We hebben nu dan een boycott van Judea en Samarië, maar wat is het volgende wat er gaat gebeuren?
[00:20:21] Wat gebeurt daarna? Een boycott van heel Israël.
[00:20:24] Het wordt steeds heftiger de strijd daar rondom.
[00:20:27] En steeds meer gaan we naar de climax, het moment dat Jezus gaat verschijnen.
[00:20:32] En dat hij als de zoon van David, als de David met hoofdletters, om het zo maar te zeggen.
[00:20:36] Dat hij uit zal gaan en zal strijden voor Israël.
[00:20:41] En het is ook opvallend, dat als u goed opgelet heeft, dat wanneer David dan Goliath verslaat, met die steen, en Goliath die valt op de grond, dat David naar hem toe gaat, zijn zwaard pakt en zijn hoofd ermee afhakt.
[00:20:59] Hij hakt de kop ervan af.
[00:21:00] Wat doet dat dan denken?
[00:21:02] Ik moest denken aan Genesis 3.
[00:21:04] In Genesis 3 begint eigenlijk al de strijd tussen duisternis en licht.
[00:21:10] Tussen de dingen van God en de dingen van de wereld.
[00:21:13] In Genesis 3, dat is het verhaal van de zonneval.
[00:21:16] Daar gaat het mis.
[00:21:17] Daar kiest de mens niet voor God, maar voor zichzelf.
[00:21:21] Ze luisteren naar de slang.
[00:21:24] En God die zegt dan dat er een vijandschap zal komen.
[00:21:27] tussen het nageslacht van Eva en dat van de slang. En dat het nageslacht van Eva, met hoofdletter, en we weten wie dat is, dat hij eens de kop van de slang vermorzelen zal.
[00:21:38] Dat is al een diep profetische lijn die daar zit. Daar begint God zijn reddingsplan. Die slang heeft niet dat laatste woord, ook al probeert hij het wel, hij heeft niet dat laatste woord.
[00:21:50] En het vermorzelen van de kop zien we hier gewoon letterlijk terugkomen in het verhaal van David en Goliath.
[00:21:55] Goliath als beeld van de duisternis, als beeld van die slang, als beeld van de vijandschap tegen God, staat te schreeuwen, staat te tieren.
[00:22:03] Maar David verslaat hem in de naam van de heren en vermorzelt zijn kop.
[00:22:08] En dat is wat Jezus Christus ook straks komt doen.
[00:22:12] Definitief.
[00:22:13] De kop van de slang vermorzelen. De Satan verslaan.
[00:22:18] De duisternis vernietigen.
[00:22:23] En we gaan het hier voor deze bij laten. Ik zei het, het zijn twee delen.
[00:22:30] We hebben even wat grotere lijnen doorgenomen. En ik wil bij de volgende uitzending, bij de volgende aflevering, wil ik u met verschillende profeten langsgaan. We gaan even kijken naar Zachariah, kijken naar Johel, kijken naar het boek Openbaringen, kijken naar Ezekiel. Verschillende profetieën komen langs.
[00:22:47] Telkens wat ons iets toont en iets laat zien van de strijd rondom Israël en het moment dat God gaat ingrijpen. En dan zullen we kijken hoe verbluffend goed dat eigenlijk past bij dat verhaal van David en Goliath. Dat er zoveel mooie parallellen in zitten. En dat het ook zoveel vertrouwen geeft dat God niet uit de hand loopt.
[00:23:09] Dat we uit kunnen zien naar de wederkomst van Jezus, naar het moment dat hij dus gaat strijden, en dat het God niet uit de hand loopt, maar dat God in Jezus gaat strijden en de boel gaat rechtzetten.
[00:23:19] Gaat rechtspreken.
[00:23:21] En dus ook gaat oordelen.
[00:23:23] Daar mogen we naar uitkijken. Er komt een nieuwe rijk van recht en gerechtigheid.
[00:23:27] En dat komt daar vanuit Jeruzalem, vanuit Israël. Maar goed, dat gaan we voor de volgende keer bekijken.
[00:23:32] Dank u wel.